• Foto Rinus van Denderen

Woudenbergse pot jeugdzorg niet leeg

WOUDENBERG  Driekwart van de Nederlandse gemeenten ziet dat steeds meer kinderen aankloppen bij jeugdzorg met steeds zwaardere zorgvragen. Dit blijkt uit een onderzoek van Binnenlands Bestuur en de NOS en geldt ook voor de gemeente Woudenberg.

Joke van der Heide

Op vragen van onze redactie bevestigt de gemeente dat ook in Woudenberg het aantal zorgvragen in 2016 gestegen is ten op zichte van 2015. Hierbij merkt de gemeente wel op dat er onvoldoende betrouwbare ervaringscijfers zijn uit voorgaande jaren om tegen af te zetten. De jeugdzorg valt immers pas sinds 2015 onder de verantwoordelijkheid van de gemeente. Het is voor de gemeente dan ook moeilijk en te vroeg om te spreken van een trend.

De toenemende vraag speelt niet bij alle zorgsoorten. Het geldt onder meer voor pleegzorg, ambulante opgroei- en opvoedhulp, dyslexiezorg en dagactiviteiten voor jeugdigen. Ook het aantal jeugdbeschermingsmaatregelen is toegenomen.De stijgende lijn vindt de gemeente echter niet per definitie negatief. ,,Als het betekent dat wij na de decentralisatie van deze taken de doelgroep beter weten te bereiken als gemeente, dan vinden wij het zelfs een positieve ontwikkeling", stelt men. De conclusie dat er steeds meer kinderen gebruik maken van (jeugd)zorg, doordat het sociaal team bij meer gezinnen achter de voordeur komt, wordt onderschreven.

Uit het onderzoek blijkt dat bij de helft van de gemeenten de pot jeugdzorg voor 2017 al leeg is. Dit is in Woudenberg niet zo. De gemeente heeft een reserve Sociaal Domein opgebouwd. ,,Voor zover wij kunnen overzien, kunnen wij de komende jaren mogelijke overschrijdingen opvangen. Dit neemt niet weg dat wij ons net als andere gemeenten buigen over het nemen van maatregelen om de toestroom van kinderen te beperken", aldus de gemeente.

GEEN WACHTLIJSTEN Ook de gemeente Woudenberg wil maatregelen nemen om de stroom kinderen te beperken en daarmee de budgetten in de hand te houden.

De gemeente laat weten, in tegenstelling tot andere gemeenten, op dit moment nadrukkelijk niet te kiezen voor het instellen van wachtlijsten of een stop op de instroom. Zij wil wel nog sterker inzetten op preventie en het aanbod vernieuwen. Daarnaast wil zij strakkere afspraken maken met aanbieders over het realiseren van de transformatiedoelstellingen, zoals de beweging van zwaardere naar lichtere zorg. Ook de oprichting van Cooperatie De Kleine Schans, waarin de gemeente, lokale organisaties, zoals jeugd en welzijn ouderen en zorgaanbieders nauw gaan samenwerken, moet leiden tot meer preventie en de beweging van zwaardere naar lichtere zorg.

Die doelstelling is één van de redenen dat gemeenten, sinds de overheveling van de taken van Rijks- naar gemeentelijk niveau, voor de uitvoering van de taken voor jeugdzorg minder geld krijgen.

Er werd verwacht dat de inzet onder meer op preventief vlak zou leiden tot een dalende vraag naar zware of zwaardere zorg. De andere reden was om op Rijksniveau meer grip te krijgen op de stijgende zorguitgaven. Dat lukt, alleen blijkt uit het onderzoek van het Binnenlands Bestuur en de NOS dat dit probleem verschoven is naar de gemeenten.

De gemeente voorziet voor 2018 een tekort in de begroting. Op welke wijze met dit tekort financieel zal worden omgegaan, wordt door de gemeenteraad tijdens de behandeling van de begroting in de raadscommissie van 3 oktober besproken.