• Freek Wolff

Ingezonden: Medewerkers Permar teleurgesteld in houding bestuur en directie

Onlangs zijn medewerkers van Permar door middel van twee videoboodschappen geïnformeerd over het voorgenomen besluit van de in het werkvoorzieningschap Permar deelnemende gemeenten om per 31 december 2017 met Permar te stoppen.

Marije Eleveld en Bor Veen, als respectievelijk voorzitter van het bestuur en directeur van Permar, hebben de circa 65 niet SW-medewerkers alvast laten weten dat hun dienstverband wordt beëindigd en dat ze op zoek moeten naar ander werk. Dit zonder dat de gemeenten Ede, Wageningen, Renkum, Barneveld en Scherpenzeel weten hoe ze na die datum uitvoering gaan geven aan de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) als onderdeel van de Participatiewet.

De ondernemingsraden van Permar zijn als personeelsvertegenwoordiging niet te spreken over de houding van het bestuur en de directie van Permar. De ondernemingsraden zijn teleurgesteld in en verontwaardigd over het feit dat het bestuur en de directie geen enkele verantwoordelijkheid nemen met betrekking tot de gevolgen voor hun eigen personeel. Er is niets gezegd over inspanningen die het bestuur en de directie willen doen om hun medewerkers een kans op werk te bieden in de lokale uitvoering van de WSW bij de deelnemende gemeenten na de beëindiging van Permar. Deze houding getuigt van slecht werkgeverschap!

Voor zowel de medewerkers met een SW-dienstverband als de niet SW-medewerkers is het onbegrijpelijk dat de deelnemende gemeenten al met Permar willen gaan stoppen voordat ze weten hoe ze daarna invulling gaan geven aan de uitvoering van de Wet Sociale Werkvoorziening. Volgens de ondernemingsraden van Permar kunnen de kennis en ervaring van de huidige medewerkers prima ingezet worden om samen met de gemeenten aan een goede toekomstbestendige oplossing te bouwen. Zoals het er nu uitziet willen de gemeenten de aanwezige operationele kennis en ervaring binnen Permar zelfs niet benutten in de planvorming naar de toekomst.

Als de aanwezige vakkennis geen plaats kan krijgen in de nieuwe uitvoering van de WSW dan is dit de vernietiging van een stuk kenniskapitaal. Deze zorg wordt nog eens ondersteund door een rapport van de Sociaal Economische Raad (SER) dat onlangs is verschenen. De SER maakt zich zorgen over het afbrokkelen van de bestaande kennis- en infrastructuur van de SW-bedrijven en heeft de opvatting dat de SW-bedrijven een centrale rol moeten spelen bij het realiseren van de banenafspraak en de opzet van beschut werk.

Marije Eleveld en Bor Veen willen ons doen geloven dat het voor de niet SW-medewerkers al afgelopen is. Maar, er is nu nog tijd voor de deelnemende gemeenten om hun koers bij te stellen. De binnen Permar opgebouwde kennis en kunde kan optimaal ingezet worden om de vernieuwde uitvoering van de WSW als onderdeel van de Participatiewet toekomstbestendig op de kaart te zetten.

Namens de Ondernemingsraad en het Georganiseerd Overleg,

Arjen Heerens